De regio maakt zich op voor klimaatkeuzes
De klimaatverandering is geen toekomstscenario meer. Hittegolven duren langer, droge periodes komen vaker voor en extreme neerslag zorgt steeds vaker voor overlast. De vraag is allang niet meer óf de regio hiermee te maken krijgt, maar hoe we ons daarop voorbereiden.
Om die reden organiseert Netwerk Water&Klimaat (NWK) dit najaar vier regionale risicodialogen over hitte, droogte, wateroverlast en waterveiligheid. Aan tafel zitten gemeenten, Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden, provincie Utrecht, GGD, Veiligheidsregio en andere partners. Samen bespreken zij welke klimaatrisico's het meest urgent zijn, welke risico's acceptabel zijn en waar gezamenlijke actie nodig is. De uitkomsten vormen een belangrijke bouwsteen voor de actualisatie van de Regionale Adaptatiestrategie (RAS).
De eerste dialoog, over hitte, vond op 10 september plaats. Sweco begeleidt de bijeenkomsten namens NWK.

De kaarten zijn klaar. Nu begint het echte gesprek.
De aanleiding voor de risicodialogen ligt in de nieuwe Klimaateffectenkaart (KEK), die voor de regio is opgesteld op basis van actuele stresstesten. Daarmee zijn de gevolgen van klimaatverandering voor droogte, hitte, wateroverlast en waterveiligheid scherper dan ooit in beeld gebracht. Maar een kaart vertelt nog niet welke keuzes een regio wil maken.
"De volgende stap is samen bepalen wat die inzichten betekenen," zegt Sven van den Bos, adviseur klimaatadaptatie bij Sweco. "Welke risico's vragen om actie? Welke maatregelen hebben prioriteit? En hoe zorgen we ervoor dat de uitkomsten ook daadwerkelijk landen in beleid en uitvoering?"
Volgens hem begint een goede risicodialoog daarom al ruim voor de bijeenkomst zelf.
"Het helpt enorm als vooraf helder is wat het doel van de dialoog is en waar de resultaten uiteindelijk moeten landen. Dat maakt gesprekken concreter en zorgt ervoor dat deelnemers echt samen aan keuzes kunnen werken."
Klimaat raakt veel meer dan ruimtelijke ordening
Wat tijdens de eerste dialoog direct zichtbaar werd, is dat klimaatadaptatie veel meer raakt dan alleen ruimtelijke ordening.
Hitte heeft invloed op gezondheid, leefbaarheid, openbare ruimte, woningbouw, natuur, mobiliteit en zelfs vitale infrastructuur. Daardoor zijn ook uiteenlopende perspectieven nodig om tot goede afwegingen te komen. Juist daarom brengt NWK professionals uit verschillende domeinen samen.
Van den Bos ziet dat als een van de belangrijkste opbrengsten van dit soort bijeenkomsten.
"We hebben mensen uit het ruimtelijk domein nodig om nieuwbouw klimaatbestendig te maken. We hebben collega's uit het sociale domein nodig voor een effectieve hitteaanpak en ecologen om vergroening ook biodivers uit te voeren. Klimaatadaptatie lukt alleen als je die werelden bij elkaar brengt.
Voor wie werken we eigenlijk aan klimaatadaptatie?
Tijdens de hitte-dialoog kwam ook een andere belangrijke vraag op tafel: hoe zorgen we ervoor dat klimaatadaptatie voor iedereen werkt?
Extreme hitte raakt immers niet alle inwoners op dezelfde manier. Ouderen, jonge kinderen en minder mobiele inwoners zijn vaak extra kwetsbaar. Ook sterk versteende wijken en sociale huurwoningen hebben vaker te maken met hittestress.
Volgens Van den Bos is het daarom belangrijk om naast kaarten en data ook de maatschappelijke kant van klimaatadaptatie mee te wegen.
"Tijdens de dialoog bespreken we wat NWK kan betekenen om die impact te verkleinen. Wat hebben netwerkpartners nodig om regionale hitteknelpunten op een rechtvaardige manier aan te pakken?"
Samen keuzes maken voor de toekomst
De regionale risicodialogen zijn daarmee meer dan een gesprek over klimaatrisico's. Ze vormen een moment waarop organisaties gezamenlijk bepalen welke koers de regio wil varen. Niet vanuit één vakgebied of één organisatie, maar vanuit een gedeelde verantwoordelijkheid voor een klimaatbestendige leefomgeving.
Of zoals Van den Bos het samenvat: "We weten vaak al veel over de maatregelen die nodig zijn. De uitdaging is om de juiste mensen mee te krijgen en gezamenlijk in beweging te komen."
Vervolg
Na de risicodialoog over hitte volgen dit najaar nog bijeenkomsten over droogte, wateroverlast en waterveiligheid. De opbrengsten worden benut voor de verdere regionale samenwerking en de actualisatie van de Regionale Adaptatiestrategie.